Natuurlijk landschap

Contactpersoon: Arjan Vernhout

E-mail: info(at)duurzaambergendal.nl

Pinterest Duurzaam Berg en Dal - Veerkrachtige leefomgeving

Mooi en veerkrachtig landschap is niet moeilijk!

 

Het Nederlandse landschap is een cultuurlandschap dat in de loop van duizenden jaren lang door mensen is vormgegeven. De mens heeft bossen gekapt en omgezet in akkers, weilanden en heidevelden, veengebieden ontwaterd, heggen en hagen aangeplant en beken rechtgetrokken. Door al die activiteiten werd het oorspronkelijke natuurlandschap omgezet in een aantrekkelijk cultuurlandschap. Cultuurlandschappen en de daarbij behorende landschapselementen zoals heggen, struweelhagen, houtwallen, holle wegen, graften, elzensingels, sloten en akkerranden bepalen voor een groot deel de uniciteit en attractiviteit van ons landschap en zijn zeer belangrijk voor een veerkrachtige leefomgeving. Een belangrijk deel van de Nederlandse flora en fauna, waaronder een substantieel deel van de 'rode-lijst soorten', is gekoppeld aan het agrarisch cultuurlandschap. Een goed voorbeeld hiervan is de das. Wist je bijvoorbeeld dat de oudste dassenburchten ouder zijn dan onze oudste steden? Het zeer geringe restant van monumentale landschapselementen wat nog over is, is zowel vanuit ecologisch oogpunt (biodiversiteit) als vanuit cultuurhistorisch oogpunt van onschatbare waarde. Nog slechts in enkele nationale landschappen komen ze min of meer algemeen voor.

 

Nergens in Europa is het landschap zo nadrukkelijk door de mens vormgegeven als in Nederland. Echter, modernisering heeft weinig heel gelaten van het 'oude' agrarische cultuurlandschap van Nederland. Het gaat om meer dan landschap alleen. Bijna 70% van Nederland is nog agrarisch gebied. Om in de landbouw een omvangrijke biodiversiteit te bereiken moet dan ook vooral worden ingezet op perceelsranden: hagen, heggen, houtwallen, kruidenrijke graslanden en slootkanten. Mensen houden van een landschap als ze er veel dieren en planten in aantreffen in combinatie streekeigenheid en cultuurhistorie. Bovendien kan toeristische ontsluiting heel goed gecombineerd worden met het opnieuw aankleden van het agrarisch cultuurlandschap. Door het herstellen van landschapselementen op de perceelsgrenzen, ontstaat een aaneengesloten dooradering, of te wel een rijkgeschakeerd landschap. Hierdoor krijgt de natuur een enorme opleving: zowel in soorten als in aantallen. Het resultaat is een veerkrachtige leefomgeving voor flora, fauna en mens.

Duurzaam investeren in veerkrachtige leefomgeving

Deltaplan voor het landschap

Het deltaplan voor het landschap`Nederland weer mooi´ is een initiatief van de Vereniging Nederlands Cultuurlandschap en is gericht op een grootscheepse kwaliteitsimpuls van het agrarisch cultuurlandschap, teneinde een duurzame en veerkrachtige leefomgeving voor mens, flora en fauna te realiseren. Biodiversiteit, minimaal 5% groenblauwe aaneengesloten dooradering van het landschap, cultuurhistorie, recreatieve ontsluiting en langdurige marktconforme beheervergoedingen voor grondeigenaren vormen hierbij de richtsnoeren. Juist in gebieden waar nog een labyrint van groene en blauwe landschapselementen in stand wordt gehouden leven vaak veel unieke en beschermde planten en dieren zoals speenkruid, sleutelbloem, longkruid, heggewikke, pimpernelblauwtje, geelgors, klapekster, grauwe klauwier, vliegend hert, boomkikker en uiteraard dassen.

Verrijk je leefomgeving met bomen en planten van hier

Het behoud, beheer en inrichting (aanleg) van landschapselementen zoals een haag of een houtwal, vraagt een vooruitziende blik. Zeker als het de beplanting betreft. Het is van groot belang de juiste inheemse soorten te gebruiken die van nature in het gebied voorkomen.

Het behoud en duurzaam gebruik van genetische bronnen in het Nederlands cultuurlandschap is essentieel, aangezien deze een essentieel onderdeel van de totale biologische diversiteit zijn. Anders gezegd, we zijn sterk afhankelijk zijn van dieren, planten en microorganismen voor de productie van voedsel en bijvoorbeeld voor geneesmiddelen.

Wist je dat planten en bloemen (vegetatie cq. plantengemeenschappen) de basis vormen voor ons (land-)ecosysteem? Bloemenweides en bloemrijke bermen en graslanden zijn dan ook een zeer belangrijke bron van ons bestaan. Hetzelfde geldt natuurlijke voor bijen, hommels, vlinders en vogels. En laten we die bijen nou net nodig hebben voor onze voedselvoorziening!

De beste garantie voor het behoud van de variatie aan micro-organismen, planten en dieren is het behoud van hun natuurlijke leefomgeving. We hebben wel een enorme uitdaging, want van alle grasland is nog maar 2% natuurlijk en bloemrijk. Het gaat dan ook niet goed met bijen, hommels en vlinders, de bestuivers van zo'n 80 procent van onze voedselgewassen.

 

Verrijken van onze leefomgeving - Henny Ketelaar - Bomen en struiken van hier

Wist je dat het eerste voedselbos van Nederland in de gemeente Berg en Dal is te vinden? Wouter van Eck heeft 'Foodforest Ketelbroek' ontworpen en aangelegd; een gecreëerde plantengemeenschap met een extreem hoog aantal eetbare soorten. Hierbij wordt slim gebruik gemaakt van ecologische principes die kenmerkend zijn voor een natuurlijk voedselbos. In een volgroeid voedselbos vindt een enorme productie plaats van biomassa, met name in de vorm van hout, blad en een grote verscheidenheid van voedsel waaronder vruchten en noten. Dit hoge productieniveau wordt bereikt zonder gebruik van externe inputs als (kunst)mest of bestrijdingsmiddelen. Desondanks komen er géén plagen voor en kan droogte goed doorstaan (www.foodforestry.nl). Voedselbossen zijn geschikt om de bestaande vormen van landbouw te verrijken met een variant die kansen voor participatie, biodiversiteit, natuur- en milieu educatie en lokale ondernemerszin combineert.

 

Geef bomen een toekomst

In de gemeente staat de dikste boom van Nederland, maar dat is ook de enige boom met aantrekkingskracht waar recreanten en toeristen graag op af komen. Deze dikste boom van Nederland, beter bekend als de Kabouterboom, zou zo’n 450 jaar oud zijn. Nergens in de gemeente is bijvoorbeeld een zomereik of linde te vinden van minstens 500 jaar oud. Specifieke bomen dienen de kans te krijgen oeroud te worden voor een nog mooier en aantrekkelijker landschap.

Dikste boom van Nederland

Veel boomsoorten kunnen zonder al te veel inspanning meer dan 500 jaar oud worden. De beleving van oeroude bomen is fantastisch, maar nu moeten we hiervoor naar het buitenland! Waarom?

 

Wel, het huidige beleid omtrent het beheer en behoud van bomen schiet te kort omdat het op de korte termijn is gericht. Er is wel een lijst met bijzondere bomen, maar hierbij heeft men geen rekening gehouden met de (verre) toekomst. Welke bomen zijn nu niet beschermd (omdat deze nu nog ‘jong’ zijn), maar zouden wel beschermd en behouden moeten worden om zo de kans te krijgen oeroud te worden?

 

Het is een absolute meerwaarde om levende "monumenten" in je directe leefomgeving te hebben. Immers, bomen die oeroud mogen worden verbinden mensen met natuur en dragen bij aan de aantrekkelijkheid van de gemeente (recreatie/toerisme). Deze bomen verdienen dan ook meer aandacht en zorg in verband met de ouderdom en veiligheid (veiligheid is vaak simpel te realiseren door de toegang te beperken). Toekomstige generaties zullen ons erg dankbaar zijn.

Heggenvlechten - Immaterieel Cultureel Erfgoed

Heggenvlechten heeft sinds maart 2015 een plek te gekregen op de Nationale Inventaris Immaterieel Cultureel Erfgoed in Nederland. Deze lijst van levend erfgoed vloeit voort uit de ratificatie van het UNESCO Verdrag ter Bescherming van het Immaterieel Cultureel Erfgoed door Nederland in 2012.

Er zijn in Nederland verschillende vlechtstijlen. De stijl wordt mede bepaald door de soorten struiken, het al dan niet gebruiken van vlechtmateriaal van elders, zoals wilgentenen, en het plaatsen van extra staken. Een gevlochten heg moet goed onderhouden worden. Er moeten regelmatig takken geknipt worden. Het vlechten van een heg zelf moet periodiek herhaald worden. De periode kan variëren van 6 tot 25 jaar en is mede afhankelijk van de toegepaste vlechtstijl. Het werk gebeurt in de winter. Struiken zijn dan vrij kaal en gemakkelijk te bewerken.

De heggenvlechter heeft vaak te maken met doornstruiken zoals meidoorn, sleedoorn en rozen. Vlechters dragen dikke kleren en hebben dikke werkhandschoenen aan. De werkzaamheden bestaan uit een aantal onderdelen. Eerst moet dood hout, afval en prikkeldraad moet verwijderd worden. Daarna worden takken van de struiken ingekapt. Dit inkappen is een nauwgezet werk. De tak mag niet doorgeslagen worden of afbreken. Het inkappen moet wel zo diep gebeuren dat de tak plat neergelegd kan worden in de lengterichting van de struik. De heggenvlechter moet de takken stevig in elkaar vouwen. De vlechter is dus vooral bezig met dit kappen,neerleggen en het in elkaar vlechten van de takken. Meer informatie is te vinden op www.nederlandweermooi.nl of op www.hegenlandschap.nl.

 

Heggenvlechten -  Immaterieel Cultureel Erfgoed

DUURZAAM BERG & DAL

Samen werken aan waardecreatie

voor een duurzame samenleving en

een veerkrachtige leefomgeving